contact  |  nieuwsbrief  |  zoek    

Nationaal slavernijmonument

Op 1 juli 2002 is het Nationaal Monument Slavernijverleden onthuld in het Oosterpark in Amsterdam. Hoe is het Monument Nederlands Slavernijverleden tot stand gekomen? Wat is er gebeurd vanaf het moment dat de Afro-Europese vrouwenbeweging Sophiedela een petitie aan het kabinet aanbood tot het moment dat het monument is onthuld? En wat gaat er in de toekomst gebeuren? 

Op 1 juli 2002 is het Nationaal Monument Slavernijverleden onthuld in het Oosterpark in Amsterdam. Hoe is het Monument Nederlands Slavernijverleden tot stand gekomen? Wat is er gebeurd vanaf het moment dat de Afro-Europese vrouwenbeweging Sophiedela een petitie aan het kabinet aanbood tot het moment dat het monument is onthuld? En wat gaat er in de toekomst gebeuren? 
Petitie
Op 3 juli 1998 bood de Afro-Europese vrouwenbeweging Sophiedela het kabinet een petitie aan. Deze petitie vormde een onderdeel van de door Sophiedela georganiseerde bezinningsconferentie Vrouwen en sporen van slavernij. In september 1998 werd voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangeboden.
Politiek niveau
De petitie bracht het balletje aan het rollen. De vraag naar een monument om het slavernijverleden te herdenken kwam op politiek niveau aan de orde. Ad Melkert, fractievoorzitter van de PvdA, stelde het monument aan de orde in het debat over de regeringsverklaring in augustus 1998. Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in september 1998 refereerde ook minister-president Wim Kok aan een mogelijk monument.
Bewindspersonen zijn welwillend
Minister Roger van Boxtel (Grote Steden- en Integratiebeleid) heeft namens het kabinet de coördinatie van de totstandkoming van het monument op zich genomen. Op 26 mei 1999 stuurde hij een brief naar de Tweede Kamer, waarin werd aangegeven dat de meest betrokken bewindspersonen welwillend staan tegenover de initiatieven om te komen tot een monument ter herdenking van de afschaffing van de slavernij. Bovendien stond in de brief dat het kabinet bereid is met een representatief samengesteld comité gesprekken te voeren, die kunnen leiden tot een nationaal monument ter herdenking van de afschaffing van de slavernij. De kiem voor het monument was daarmee ontsproten.
Initiatiefnemers verenigd
De initiatiefnemers voor het monument hebben zich inmiddels verenigd in de Stichting Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden, waarbij zich ongeveer 18 organisaties van Surinaamse, Antilliaanse - Arubaanse en Afrikaanse signatuur hebben aangesloten. In het bestuur van de stichting hebben deskundige wetenschappers zitting. Het Surinaams Inspraakorgaan en het Orgaan Caribische Nederlanders treden op als adviseurs. De Stichting Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden is een officiële gesprekspartner van de rijksoverheid als het gaat om de realisatie van het monument.
Convenant
Inmiddels heeft minister Van Boxtel aangegeven dat hij bereid is de financiering van een gedenkteken op zich te nemen. De gemeente Amsterdam heeft zich bereid verklaard gastheer te willen zijn voor het nationaal monument. Een en ander is vastgelegd in een convenant tussen de Staat en de gemeente Amsterdam, dat op 1 juli 2000 is ondertekend, tijdens de Herdenkingsdag Nederlands Slavernijverleden. Ook staatssecretaris Rick van der Ploeg (OC en W) is nauw betrokken bij de totstandkoming van het gedenkteken.
Locatie
In overleg met het college van B&W van Amsterdam, het stadsdeelbestuur van Amsterdam Oost/Watergraafmeer, het Landelijk Platform Slavernijverleden en het Comité van Aanbeveling Nationaal Monument Slavernijverleden is op 14 november 2000 definitief besloten om het Oosterpark in Amsterdam aan te wijzen als locatie voor het Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden.
Winnend ontwerp
Op basis van een aantal criteria, de uitkomst van de publiekspoll, de adviezen van het Comité van Aanbeveling en de Commissie van Deskundigen en de meningen/keuzes van de gemeente Amsterdam en het Landelijk Platform Slavernijverleden, is het ontwerp van Erwin de Vries gekozen om uitgewerkt te worden tot het (definitieve) nationaal monument slavernijverleden. Minister van Boxtel voor Grote Steden en Integratiebeleid heeft dit op 1 juli 2001 bekend gemaakt.
Onthulling
Op 1 juli 2002 is het Nationaal Monument Slavernijverleden onthuld in het Oosterpark in Amsterdam.

Petitie
Op 3 juli 1998 bood de Afro-Europese vrouwenbeweging Sophiedela het kabinet een petitie aan. Deze petitie vormde een onderdeel van de door Sophiedela georganiseerde bezinningsconferentie Vrouwen en sporen van slavernij. In september 1998 werd voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangeboden.

Politiek niveau
De petitie bracht het balletje aan het rollen. De vraag naar een monument om het slavernijverleden te herdenken kwam op politiek niveau aan de orde. Ad Melkert, fractievoorzitter van de PvdA, stelde het monument aan de orde in het debat over de regeringsverklaring in augustus 1998. Tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in september 1998 refereerde ook minister-president Wim Kok aan een mogelijk monument.

Bewindspersonen zijn welwillend
Minister Roger van Boxtel (Grote Steden- en Integratiebeleid) heeft namens het kabinet de coördinatie van de totstandkoming van het monument op zich genomen. Op 26 mei 1999 stuurde hij een brief naar de Tweede Kamer, waarin werd aangegeven dat de meest betrokken bewindspersonen welwillend staan tegenover de initiatieven om te komen tot een monument ter herdenking van de afschaffing van de slavernij. Bovendien stond in de brief dat het kabinet bereid is met een representatief samengesteld comité gesprekken te voeren, die kunnen leiden tot een nationaal monument ter herdenking van de afschaffing van de slavernij. De kiem voor het monument was daarmee ontsproten.

Initiatiefnemers verenigd
De initiatiefnemers voor het monument hebben zich inmiddels verenigd in de Stichting Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden, waarbij zich ongeveer 18 organisaties van Surinaamse, Antilliaanse - Arubaanse en Afrikaanse signatuur hebben aangesloten. In het bestuur van de stichting hebben deskundige wetenschappers zitting. Het Surinaams Inspraakorgaan en het Orgaan Caribische Nederlanders treden op als adviseurs. De Stichting Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden is een officiële gesprekspartner van de rijksoverheid als het gaat om de realisatie van het monument.


Convenant
Inmiddels heeft minister Van Boxtel aangegeven dat hij bereid is de financiering van een gedenkteken op zich te nemen. De gemeente Amsterdam heeft zich bereid verklaard gastheer te willen zijn voor het nationaal monument. Een en ander is vastgelegd in een convenant tussen de Staat en de gemeente Amsterdam, dat op 1 juli 2000 is ondertekend, tijdens de Herdenkingsdag Nederlands Slavernijverleden. Ook staatssecretaris Rick van der Ploeg (OC en W) is nauw betrokken bij de totstandkoming van het gedenkteken.

Locatie
In overleg met het college van B&W van Amsterdam, het stadsdeelbestuur van Amsterdam Oost/Watergraafmeer, het Landelijk Platform Slavernijverleden en het Comité van Aanbeveling Nationaal Monument Slavernijverleden is op 14 november 2000 definitief besloten om het Oosterpark in Amsterdam aan te wijzen als locatie voor het Nationaal Monument Nederlands Slavernijverleden.

Winnend ontwerp
Op basis van een aantal criteria, de uitkomst van de publiekspoll, de adviezen van het Comité van Aanbeveling en de Commissie van Deskundigen en de meningen/keuzes van de gemeente Amsterdam en het Landelijk Platform Slavernijverleden, is het ontwerp van Erwin de Vries gekozen om uitgewerkt te worden tot het (definitieve) nationaal monument slavernijverleden. Minister van Boxtel voor Grote Steden en Integratiebeleid heeft dit op 1 juli 2001 bekend gemaakt.

In zijn geheel verbeeldt het ontwerp het verleden, het heden en de toekomst. Het ontwerp valt in drie delen uiteen. Het achterste deel symboliseert de dramatische geschiedenis van het juk waaronder de slaven gebukt gingen. Bij het middelste gedeelte doorbreekt de mens de muur van weerstand en taboe. De mens heeft de kracht gevonden zich van de ketens te bevrijden om als volwaardig individu van het heden op te staan. Het voorste gedeelte onderstreept de alles overheersende drang naar vrijheid en een betere toekomst die elk individu met zich meedraagt. 

Onthulling
Op 1 juli 2002 is het Nationaal Monument Slavernijverleden onthuld in het Oosterpark in Amsterdam.