petitie tekenen  |  english  |  contact  |  nieuwsbrief  |  zoek    

Abolitie

Abolitie/Vrijmaking/Emancipatie
De opheffing van de slavernij wordt doorgaans aangeduid met de begrippen abolitie (opheffing) en emancipatie. Toch dekken deze twee begrippen (abolitie en emancipatie) elkaar niet volledig. Het eerste (abolitie) is een historische gebeurtenis: de tot slaaf gemaakten verkregen hun vrijheid. Het tweede duidt meer op een proces in plaats van op een bepaald moment in de geschiedenis.
 
Het heeft heel lang geduurd voordat er een eind gemaakt werd aan de slavernij. Nog maar tweehonderd jaar geleden, zag de wereld er voor de meeste mensen totaal anders uit dan nu. Aan het einde van de achttiende eeuw leefde meer dan driekwart van de mensheid in een of andere vorm van slavernij of horigheid. Vrijheid en niet slavernij, vormde de uitzondering op de regel. Er zijn wel perioden geweest waarin de behandeling van de tot slaaf gemaakten verbeterde en waarbij er pogingen in het werk werden gesteld om de nazaten van de tot slaaf gemaakten volledig te integreren in de dominante samenleving. Maar de machthebbers kwamen er nooit toe om slavernij als wrede institutie voor altijd uit te bannen. Daarvoor moest de mensheid langer dan duizend jaren wachten, voordat een algemene trend ontstond naar opheffing van de slavernij. Die trend die tot een beweging uitgroeide ontstond allereerst in Engeland. De Britse abolitionisten - geschokt als zij waren door wat ze over de transatlantische slavernij en slavenhandel te weten kwamen- hebben alles in het werk gezet om het onrecht uit te bannen. Dit ging niet van een leien dakje. Vijftig jaar lang zijn de activisten in Engeland aan het werk geweest om de slavernij in het Britse Rijk af te schaffen.
In 1807 werd een wetsvoorstel aangenomen dat de slavenhandel in het gehele Britse rijk afschafte, de climax van twintig jaar inspanning. De Britten drongen er bij de andere slavenhoudende staten op aan om de slavenhandel stop te zetten. Een groot deel van de abolitionisten geloofden dat de slavernij in West-Indië vanzelf zou verdwijnen, als de slavenhandel door alle landen volledig aan banden werd gelegd. Maar met het verstrijken der jaren werd duidelijk dat dit ijdele hoop was. Wel begonnen de slaveneigenaren hun slaven iets minder wreed te behandelen en hen een beter dieet aan te bieden. Als gevolg van deze veranderingen begon het geboortecijfer onder de slaven te stijgen. De strijd van de abolitionisten was intussen verschoven: van opheffing van de slavenhandel naar opheffing van de slavernij. Dit gelukte pas in de zomer van 1833 toen het wetsvoorstel voor vrijmaking door beide huizen van het parlement werd goedgekeurd. In het wetsvoorstel werd bepaald dat de slavernij in de Britse koloniën in 1834 zou worden afgeschaft. De slaven zouden in 1834 "leerlingen" worden en in de meeste gevallen zes jaar lang zonder loon voor hun voormalige slavenhouders moeten werken. Pas daarna zouden ze volledig worden vrijgemaakt. Dankzij protesten van de slaafgemaakten werd de periode van zes jaar bekort tot vier jaar. Uiteindelijk werden de slaven op 1 augustus 1838 officieel vrij verklaard.
 
De slavernij bestond echter nog steeds in de Nederlandse koloniën in het Caribische gebied, in het zuiden van de Verenigde Staten, in de kolonies van andere Europese staten, in het grootste deel van Afrika en in de islamitische wereld. In 1848 werd de slavernij in de Franse koloniën afgeschaft.
De slavernij in de Nederlandse koloniën (Suriname en de Nederlandse Antillen) werd pas in 1863 afgeschaft.
 
Afschaffing van de slavernij
1804 - in Haïti
1814 - afschaffing slavenhandel door Nederland
1834-1838 - Britse Rijk
1848 - Franse en Deense koloniën.
1863 - Emancipatie verklaring door president Lincoln (VS)
1863 - door Nederland
1865 - de Verenigde Staten van Amerika
1873 - Puerto Rico
1886 - Cuba
1888 - Brazilië.
 
De afschaffing van de slavernij kan niet geheel op het conto van de Britse abolitionisten worden geschreven. De tot slaaf gemaakten hebben vanaf het begin ook weerstand geboden tegen het slavensysteem en via opstanden gestreden voor hun vrijheid (zie Marrons).
De belangrijkste slavenopstand was die in Haïti. Twaalf jaar lang vochten de tot slaaf gemaakte Afrikanen in een guerrillaoorlog voor hun vrijheid tegen drie Europese legers: die van Frankrijk, van Groot-Brittannië en van Spanje- de eerste twee waren zelfs de grootse en sterkste van die tijd. Het was een oorlog van ongeëvenaarde wreedheid, die aan beide kanten tienduizenden levens eiste. Het leger van Napoleon leed hier meer verliezen dan later in Waterloo, en de oorlog kostte Groot-Brittannië meer levens dan het land twee decennia eerder in Noord-Amerika verloor. Het eiland werd totaal vernield. Een groot deel van de witte bevolking werd afgeslacht of vluchtte het land uit. De achtduizend plantages van de kolonie, die Frankrijk jaarlijks enorme winsten opleverden, werden vernield en schrompelden ineen. De erfenis van dat geweld heeft het land tot de dag van vandaag verlamd. Maar de onderdrukkers en indringers werden verslagen: de eerste emancipatie op het westelijk halfrond was een feit. De Haitiaanse revolutie vormde een keerpunt in de geschiedenis. Ze toonde zwarten dat hun bevrijding uit slavernij mogelijk was. De leider van de revolutie was de als slaaf geboren Toussaint, die enkele jaren voor de opstand uitbrak was vrijgemaakt.

De opheffing van de slavernij wordt doorgaans aangeduid met de begrippen abolitie (opheffing) en emancipatie. Toch dekken deze twee begrippen (abolitie en emancipatie) elkaar niet volledig. Het eerste (abolitie) is een historische gebeurtenis: de tot slaaf gemaakten verkregen hun vrijheid. Het tweede duidt meer op een proces in plaats van op een bepaald moment in de geschiedenis. 

Het heeft heel lang geduurd voordat er een eind gemaakt werd aan de slavernij. Nog maar tweehonderd jaar geleden, zag de wereld er voor de meeste mensen totaal anders uit dan nu. Aan het einde van de achttiende eeuw leefde meer dan driekwart van de mensheid in een of andere vorm van slavernij of horigheid. Vrijheid en niet slavernij, vormde de uitzondering op de regel. Er zijn wel perioden geweest waarin de behandeling van de tot slaaf gemaakten verbeterde en waarbij er pogingen in het werk werden gesteld om de nazaten van de tot slaaf gemaakten volledig te integreren in de dominante samenleving.

Langer dan duizend jaar vrijheidsstrijd
Maar de machthebbers kwamen er nooit toe om slavernij als wrede institutie voor altijd uit te bannen. Daarvoor moest de mensheid langer dan duizend jaren wachten, voordat een algemene trend ontstond naar opheffing van de slavernij. Die trend die tot een beweging uitgroeide ontstond allereerst in Engeland. De Britse abolitionisten - geschokt als zij waren door wat ze over de transatlantische slavernij en slavenhandel te weten kwamen- hebben alles in het werk gezet om het onrecht uit te bannen. Dit ging niet van een leien dakje. Vijftig jaar lang zijn de activisten in Engeland aan het werk geweest om de slavernij in het Britse Rijk af te schaffen.

IJdele hoop
In 1807 werd een wetsvoorstel aangenomen dat de slavenhandel in het gehele Britse rijk afschafte, de climax van twintig jaar inspanning. De Britten drongen er bij de andere slavenhoudende staten op aan om de slavenhandel stop te zetten. Een groot deel van de abolitionisten geloofden dat de slavernij in West-Indië vanzelf zou verdwijnen, als de slavenhandel door alle landen volledig aan banden werd gelegd. Maar met het verstrijken der jaren werd duidelijk dat dit ijdele hoop was. Wel begonnen de slaveneigenaren hun slaven iets minder wreed te behandelen en hen een beter dieet aan te bieden. Als gevolg van deze veranderingen begon het geboortecijfer onder de slaven te stijgen.

Van slaafgemaakte naar vrijgemaakte
De strijd van de abolitionisten was intussen verschoven: van opheffing van de slavenhandel naar opheffing van de slavernij. Dit lukte pas in de zomer van 1833 toen het wetsvoorstel voor vrijmaking door beide huizen van het parlement werd goedgekeurd. In het wetsvoorstel werd bepaald dat de slavernij in de Britse koloniën in 1834 zou worden afgeschaft. De slaven zouden in 1834 "leerlingen" worden en in de meeste gevallen zes jaar lang zonder loon voor hun voormalige slavenhouders moeten werken. Pas daarna zouden ze volledig worden vrijgemaakt. Dankzij protesten van de slaafgemaakten werd de periode van zes jaar bekort tot vier jaar. Uiteindelijk werden de slaven op 1 augustus 1838 officieel vrij verklaard. 

Nederlandse koloniën pas in 1863
De slavernij bestond echter nog steeds in de Nederlandse koloniën van het Caribische gebied, in het zuiden van de Verenigde Staten, in de kolonies van andere Europese staten, in het grootste deel van Afrika en in de islamitische wereld. In 1848 werd de slavernij in de Franse koloniën afgeschaft. De slavernij in de Nederlandse koloniën (Suriname en de Nederlandse Antillen) werd pas in 1863 afgeschaft. 

Overzicht afschaffing van de slavernij
1804 - in Haïti
1814 - afschaffing slavenhandel door Nederland
1834-1838 - Britse Rijk
1848 - Franse en Deense koloniën
1863 - Emancipatie verklaring door president Lincoln (VS)
1863 - door Nederland
1865 - de Verenigde Staten van Amerika
1873 - Puerto Rico
1886 - Cuba
1888 - Brazilië

Eigen weerstand vanaf begin
De afschaffing van de slavernij kan niet geheel op het conto van de Britse abolitionisten worden geschreven. De tot slaaf gemaakten hebben vanaf het begin ook weerstand geboden tegen het slavensysteem en via opstanden gestreden voor hun vrijheid (zie Marrons). De belangrijkste slavenopstand was die in Haïti. Twaalf jaar lang vochten de tot slaaf gemaakte Afrikanen in een guerrillaoorlog voor hun vrijheid tegen drie Europese legers: die van Frankrijk, van Groot-Brittannië en van Spanje- de eerste twee waren zelfs de grootse en sterkste van die tijd. Het was een oorlog van ongeëvenaarde wreedheid, die aan beide kanten tienduizenden levens eiste. Het leger van Napoleon leed hier meer verliezen dan later in Waterloo, en de oorlog kostte Groot-Brittannië meer levens dan het land twee decennia eerder in Noord-Amerika verloor.

De erfenis van Haïti
Het eiland werd totaal vernield. Een groot deel van de witte bevolking werd afgeslacht of vluchtte het land uit. De achtduizend plantages van de kolonie, die Frankrijk jaarlijks enorme winsten opleverden, werden vernield en schrompelden ineen. De erfenis van dat geweld heeft het land tot de dag van vandaag verlamd. Maar de onderdrukkers en indringers werden verslagen: de eerste emancipatie op het westelijk halfrond was een feit. De Haitiaanse revolutie vormde een keerpunt in de geschiedenis. Ze toonde zwarten dat hun bevrijding uit slavernij mogelijk was. De leider van de revolutie was de als slaaf geboren Toussaint, die enkele jaren voor de opstand uitbrak was vrijgemaakt.